Projecten

De hand van Rietveld in Bergeijk

Waardestelling en transformatie Weverij de Ploeg

Voormalige weverij de Ploeg hoort met het omringende park tot de top 100 van wederopbouwmonumenten in Nederland. De enige door Rietveld ontworpen fabriek wachtte sinds 2007 op een nieuwe bestemming.

LocatieDorp
ThemaHerbestemmen: passend en creatief
ExpertiseAdvies

Bergeijk is beroemd als Rietvelddorp, met name door de fabriek van coöperatieve weverij en textielhandel ‘De Ploeg’. De uit 1957 daterende weverij is inmiddels aangewezen als rijksmonument. Het fabrieksgebouw heeft een opvallende betonconstructie met sheddaken naar ontwerp van bureau Beltman uit Enschede, dat naam had gemaakt met de bouw van brandveilige textielfabrieken in Twente. Het complex is echter ook aangewezen vanwege het architectonisch waardevolle aandeel van Gerrit Rietveld in het ontwerp. Voor het bepalen van de transformatieruimte was het van belang om precies te duiden in welke onderdelen van deze fabriek zich ‘de hand van Rietveld’ manifesteert.

Bouwdagboek
In 2007 sloot weverij de Ploeg hier haar poorten en stond de fabriek leeg. Het complex werd aangekocht door woningbouwcorporatie Woninc. Zij nam voor de herbestemming IAA architecten in de arm. In opdracht van IAA heeft Het Oversticht het aandeel van Rietveld in het ontwerpproces beter inzichtelijk gemaakt. Het originele bouwdagboek gaf hierover een schat aan informatie. De verspringing in de westgevel en de bekleding ervan met modulaire betonplaat is een duidelijke keuze van Rietveld. Een schetsje van zijn hand toont deze verspringing. Ook het parkontwerp van Mien Ruys is onderzocht, waar arbeiders in contact konden komen met de natuur.

Nieuwe eigenaar
Enkele jaren geleden is de fabriek van eigenaar gewisseld. Firma Bruns uit Bergeijk heeft "Diederendirrix architectuur & stedenbouw" gekozen voor de herbestemming tot hun kantoor, atelier en werkruimte. Ook voor de nieuwe architect boden de waardestelling, de transformatiestudie en het bouwdagboek genoeg aanknopingspunten voor de herbestemming. De fabriek is in 2016 gerenoveerd in de geest van de Ploeg en met respect voor de hand van Rietveld. Een nieuw bezoekerscentrum geeft informatie over de fabriek en de andere projecten van Rietveld in Bergeijk, twee woonhuizen, een klok en een abri. Die zijn allemaal de moeite van een bezoek meer dan waard. Tijdens het jaar van de Stijl organiseert Bergeijk een bijzondere wandelroute naar o.a. De Ploeg. Over de herbestemming is een artikel gepubliceerd in ArchitectuurNL.

"Als architect kan ik niet werken zonder een grondige analyse van een architectuurhistoricus. Een goed ontwerp kan niet ontstaan als niet ook op het vlak van de architectuurgeschiedenis een heldere analyse is gemaakt. De transformatiekaarten geven uitstekende handvatten om een plan te maken én goedgekeurd te krijgen."
Harry Abels, architecht / directeur IAA

De coöperatieve onderneming De Ploeg liet aanvankelijk zijn stoffen onder meer weven bij Stork Seahorse in Hengelo. In 1956 besloten ze tot de bouw van een eigen weverij. Bureau Beltman, dat de Hengelose weverij had ontworpen, werd voor een identieke constructie gevraagd. Als architect werd Gerrit Rietveld aan hen toegevoegd. De combinatie van de standaard-oplossing van Beltman met het maatwerk van Rietveld levert een intrigerend geheel op.

Bijzondere dakconstructie
Kern van de constructie is een sheddakencomplex met betonnen schaaldaken. Dat was in verband met brandpreventie een sterke verbetering ten opzichte van de fabrieken met gietijzeren kolommen en houten sheddaken. Vóór de oorlog rustte op de nieuwe constructie een patent van een Duitse firma. Door de oorlog vervielen de Duitse patenten en zo kwamen de eerste betonnen sheddaken in 1948 bij Vredestein in Enschede en in 1951 bij Bussink’s koekfabriek in Deventer. Daar was het Deventer bureau Postma de architect. Beltman volgde in 1951 met een spoelerij voor Ten Cate in Almelo en de badhanddoekenfabriek in Hengelo. Deze Overijsselse bureaus bleven de experts.

Kenmerkende gevel
De architectuur van de fabrieken wordt aan de binnenkant volledig door de constructie bepaald. Maar de buitenkant is telkens minimaal vorm gegeven: een bakstenen regenjas volstaat. Rietveld deed dat anders. Aan de tuinzijde van de fabriek in Bergeijk maakte hij één grote glasgevel (145 m. lang) en de kopgevels voorzag hij van stucwerkwanden. Aan de goed zichtbare westgevel zette hij de kopgevel in elke travee scheef en voegde daar een lang venster toe. Zo ontstond een kenmerkende zaagtandgevel, die hij bovendien van een simpel maar effectief lijnenspel voorzag. Welgemikte kleurpatronen op de deuren deden de rest. Zo vervolmaakte Rietveld met groot succes de kernconstructie van Beltman.


Weverij de Ploeg in aanbouw 

Innovatief interieur
Ook in het interieur zijn in Bergeijk innovaties van de Utrechtse architect te vinden. Zo scheidt een geluiddichte wand de laboratoria van de weverij. In de spouw van die wand gebruikte Rietveld op maat gesneden stroken van geluiddempende zachtboard plafondplaten. Slim, goedkoop en effectief.

Uniek fabrieksgebouw
In Bergeijk hebben ze dus geen primeur met hun schaaldaken in beton, maar wel een volstrekt uniek fabrieksgebouw door de ingrepen die Rietveld deed in een standaard-fabrieksontwerp. Hergebruik van dit complex is voorzien met culturele functies, zoals een theaterzaal.


Luchtfoto weverij De Ploeg in aanbouw

Meer weten over deze aanpak

Mascha van Damme

Mascha van Damme

architectuurhistoricus

Stuur een bericht

Contact

Stuur een bericht en
u ontvangt zo snel mogelijk een reactie.

Meer over: Waardestelling en transformatieadvies

Veranderend gebruik van erfgoed brengt aanpassingen met zich mee. Een deskundige transformatiestudie op basis van een onafhankelijke waardestelling biedt handvatten voor alle partijen bij het beschermen en transformeren van waardevol erfgoed.

> Lees meer
Altijd op de hoogte?

Actuele projecten, ontwikkelingen, achtergronden en bijeenkomsten: mis het niet en meld u aan!

Delen

Deel dit item met iemand anders.